Checklist zuurstofplanten en waterplanten vijver

Met deze checklist zuurstofplanten en waterplanten vijver ga je eenvoudig en snel na, of de  beplanting en plantengroei in je vijver in orde is.

1) Zonlicht: minstens zes uur per dag

Heeft je vijver minder zonuren? Kies dan zuurstofplanten die halfschaduw verdragen zoals bronmos (Fontinalis antipyretica) of gedoornd hoornblad (Demersum).

2) Geschikte plantmanden in gebruik

De juiste plantmanden gebruiken heeft een aantal voordelen. Elke plant staat in een geschikte grondsoort, de planten groeien alleen waar jij dat wilt en je hoeft niet de hele vijverbodem van een laag vijveraarde te voorzien. Bovendien kun je waterplanten in plantmanden makkelijk op de juiste diepte zetten in de vijver.

3) Vijver is voor minstens de helft beplant

Van bovenaf bezien, moet je vijver voor ongeveer de helft beplant zijn. Wanneer dit niet het geval is, is het verstandig om extra zuurstofplanten in de vijver te plaatsen. Onthoud: een vijver met veel planten is meestal een probleemloze vijver.

4) De zuurstofplanten groeien goed en de uitlopers hebben een frisgroene kleur

Slechte groei van zuurstofplanten betekent meestal dat er een probleem is met de waterhardheid van de vijver. Controleer de hardheid regelmatig en verhoog deze zo nodig met GH-ExtraKH-Extra of Mineral Clay.

Glanzend Fonteinkruid
Glanzend fonteinkruid (Potamogeton lucens) vormt in het voorjaar groene scheuten. Hiervoor heeft deze zuurstofplant hard vijverwater nodig.

5) Zorg voor verschillende soorten zuurstofplanten in de vijver

Niet alle zuurstofplanten groeien in elke periode van het jaar even hard. Om ervoor te zorgen dat je het hele seizoen groeiende zuurstofplanten in je vijver hebt, kun je daarom het best meerdere soorten plaatsen. Bovendien kun je op die manier goed zien, welke zuurstofplanten het het best doen in je vijver.

6) De zuurstofplanten hebben voldoende ruimte om te groeien

Zodra zuurstofplanten de wateroppervlakte bereikt hebben, loopt de groeisnelheid ervan terug. De plant gaat daardoor ook minder voedingsstoffen opnemen uit het water. Snoei de zuurstofplanten daarom regelmatig terug tot 15 cm onder het wateroppervlak. Hierdoor kunnen ze blijven groeien. De afgeknipte scheuten kun je weer in een aparte plantmand zetten.

7) De waterlelies vormen genoeg blad en bloemen

De eerste jaren groeien waterlelies vaak niet snel en niet goed. In die tijd vormt de plant namelijk vooral een wortelstelsel. Voor een waterlelie is het daarom belangrijk, dat deze in een grote, platte plantmand staat. Dit geeft ruimte aan de groei van de wortels.

8) De zuurstofplanten verslijmen niet en uitlopers breken niet af

Als de zuurstofplanten verslijmen betekent dit, dat er iets mis is met de groeiomstandigheden van deze planten. Dit is dan vaak een te lage waterhardheid. Ook groei van zweefalgen (groen water) remt de groei van zuurstofplanten. Het is dan belangrijk om snel in te grijpen en de vijver te behandelen met een middel om de waterhardheid te verhogen of de zweefalgen te bestrijden.

Waterlelie
Een waterlelie vormt de eerste jaren vooral een wortelstelsel. Pas daarna geeft de plant jaarlijks veel bladeren en bloemen.

9) Geen draadalgen tussen de zuurstofplanten en andere waterplanten

Draadalgen kunnen zuurstofplanten en andere waterplanten overwoekeren. De groei van de planten gaat dan achteruit en het biologisch evenwicht van de vijver komt in gevaar. Bestrijd daarom beginnende draadalg zo snel mogelijk.

10) De waterplanten staan op de juiste diepte in de vijver

Zuurstofplanten kun je het best op een diepte van circa 50 cm zetten. Waterlelies staan 80 – 100 cm diep. Moerasplanten daarentegen staan alleen met de wortels in het water. Op de juiste diepte is de groei van waterplanten het best. 

Verder lezen

  Waterplanten en zuurstofplanten

  Onderhoud van waterplanten

 Draadalgen bestrijden

   Groei van zuurstofplanten verbeteren